Redactie
Redactie Gezondheid vandaag
Leestijd: 6 minuten

Waarom rouwonderzoeker afraadt te zeggen dat oma ‘een sterretje is geworden’

Kinderen begrijpen de dood anders dan volwassenen. Volgens rouwonderzoeker Mariken Spuij helpt eerlijk praten over overlijden kinderen beter dan verzachtende uitleg als ‘oma is een sterretje’. Juist daardoor leren zij verlies verwerken.

Toen het konijn van mijn buurmeisje stierf, was zij zes. Ze stond voor het hok en stelde een vraag waar vrijwel iedere volwassene door overvallen wordt: “Mag ik hem morgen wel weer voeren?”

Mariken Spuij is universitair docent aan de Universiteit Utrecht en een van de bekendste Nederlandse experts op het gebied van rouw bij kinderen en jongeren.
Mariken Spuij is universitair docent aan de Universiteit Utrecht en een van de bekendste Nederlandse experts op het gebied van rouw bij kinderen en jongeren. Bron: Eigen beeld

Haar moeder schrok, wist even niet wat te zeggen en zei vervolgens: “Nee, lieverd. Dood zijn betekent dat zijn lijfje niet meer werkt en dan kan hij niet meer eten, drinken, springen en ook niet meer knuffelen. Dat is heel verdrietig.” En toen zweeg ze. Geen “hij slaapt nu” of “hij is een sterretje”, geen snelle troost. Gewoon de waarheid, en daarna stilte om die te laten landen.

Waarom eerlijk praten over de dood belangrijk is

Als ouders hebben we allemaal dezelfde reflex: we willen onze kinderen tegen verlies beschermen. Maar dat lukt maar half. Tegen het verlies zelf kunnen we niets beginnen; opa gaat dood, de kat is overreden, de beste vriend verhuist. Wat we wel kunnen, is kinderen leren hun verdriet te dragen. En dat begint, hoe ongemakkelijk ook, met eerlijkheid.

Kinderen begrijpen de dood anders dan volwassenen

Kinderen van vier tot twaalf begrijpen de dood anders dan wij denken. Een kleuter ziet de dood vaak als iets tijdelijks, zoals slapen of op vakantie zijn, vandaar die vraag of ze het morgen weer mag voeren. Pas rond een jaar of zeven, acht begint het besef te dagen dat de dood definitief is, dat het iedereen overkomt en dat het lichaam echt ophoudt te werken. Dat is een zware ontdekking, en het is geen toeval dat veel kinderen rond die leeftijd ineens bang worden dat hun ouders doodgaan.

Waarom ‘oma is een sterretje’ soms verwarrend kan zijn

De verleiding is groot om die scherpe randjes weg te poetsen met mooie beelden. “Oma is een sterretje geworden.” “We zijn opa kwijtgeraakt.” Maar voor een concreet denkend kind zijn dat raadsels. Als je iemand kwijtraakt, kun je hem toch terugvinden? In de jaren dat ik onderzoek deed naar rouw bij kinderen, zag ik telkens hetzelfde: het achterhouden van informatie en emoties helpt niet.

Kinderen voelen haarfijn aan dat er iets speelt en hebben juist behoefte aan openheid. Gebruik dus gewone, duidelijke woorden: dood, gestorven, niet meer terugkomen. Niet omdat het hard is, maar omdat het houvast geeft. Een kind dat de werkelijkheid mag kennen, hoeft die niet zelf te verzinnen. Kinderfantasieën zijn vaak enger dan de waarheid.

Kinderen rouwen anders dan volwassenen

De pijn die kinderen voelen is niet anders dan die van volwassenen, maar de uitingsvorm vaak wel. Kinderen springen van intens verdriet naar ‘Mag ik nu buitenspelen?’ in dertig seconden. Dat is geen ongevoeligheid. Het is de manier waarop kinderen rouwen.

Een kind rouwt namelijk niet voltijds, maar naast alles wat het sowieso al moet doen: leren lezen, vriendjes maken, ruziën op het schoolplein, groot worden. Die ontwikkelingstaken gaan na een verlies gewoon door, en dat hoort ook zo. Het verdriet schuift mee naar de achtergrond en dringt zich af en toe weer op de voorgrond, terwijl het kind ondertussen zijn gewone leven leeft.

Boosheid, schuldgevoel en opluchting horen er ook bij

Daarom is het zo belangrijk om je kind te leren dat alle gevoelens er mogen zijn. Verdriet, natuurlijk. Maar ook boosheid: op de dokter, op de overledene die hen alleen liet, soms zelfs op jou. Schuldgevoel (“had ik maar liever gedaan”’”). Angst dat het opnieuw gebeurt. Jaloezie omdat een vriendin dit niet meemaakt. En, misschien wel het verwarrendst: opluchting of vrolijkheid, gevolgd door schaamte daarover.

Een kind moet horen dat dit allemaal normaal is, dat je tegelijk iemand kunt missen en de slappe lach kunt krijgen, en dat er geen juiste manier bestaat om te rouwen. Geef die gevoelens een naam: “Je bent boos, hè? Dat snap ik.” Door emoties te benoemen maak je ze hanteerbaar; een kind dat woorden heeft voor wat het voelt, hoeft het niet uit te leven via buikpijn, driftbuien of slecht slapen.

Wat ouders kunnen doen als een kind rouwt

Het mooiste wat je een kind kunt leren, is dat verdriet er niet is om weg te maken maar om door te leven. Wees zelf zichtbaar verdrietig. Veel ouders verbergen hun tranen om hun kind te sparen, maar zo leren ze onbedoeld dat verdriet iets is om te verstoppen. Ziet je kind je huilen en daarna weer verdergaan, dan leert het de belangrijkste les: dit doet pijn, en je kunt het aan.

Maak ruimte voor de vragen, hoe ongemakkelijk ook. “Doet doodgaan pijn?” “Ga jij ook dood?” Antwoord eerlijk en kort: “Ooit wel, maar waarschijnlijk pas heel lang van nu, als jij al groot bent.” Beloof niets wat je niet kunt beloven, maar bied wel veiligheid.

Geef het verdriet een vorm. Kinderen verwerken vaak beter via doen dan via praten. Laat ze een tekening maken voor opa, een kaarsje aansteken, of op de verjaardag de lievelingstaart bakken. Het houdt de band levend op een manier die troost.

En blijf vooral de gewone dingen doen. Naar school, op tijd naar bed, het vaste verhaaltje. Voor een kind dat de grond onder zijn voeten voelt wegzakken, is de voorspelbaarheid van het dagelijks leven een reddingsboei.

Wanneer verdriet meer wordt dan gewone rouw

Het geruststellende is dat dit meestal genoeg is. Samen met Paul Boelen onderzocht ik jarenlang hoe kinderen rouwen, en telkens blijkt dat verreweg de meeste kinderen met liefdevolle steun een verlies op eigen kracht verwerken. Maar een kleine groep loopt vast. Blijven het verdriet en de boosheid maandenlang zo hevig dat een kind niet meer kan spelen, leren of slapen, dan kan er sprake zijn van een langdurige rouwstoornis.

Sinds een tijdje komt hier steeds meer kennis over wat dit is en hoe het zich uit. Dat is belangrijk, omdat kinderen dan gerichte hulp kunnen krijgen. Twijfel je of het verdriet nog ‘normaal’ is? Dat is precies het moment om met de huisarts te praten. Je hoeft het niet alleen in te schatten.

Verdriet verdwijnt niet, maar verandert

Het buurmeisje is inmiddels negen. Laatst hoorde ik haar tegen een vriendinnetje zeggen, heel nuchter: “Als een dier doodgaat ben je eerst heel verdrietig, en daarna minder, en dan denk je er soms weer aan en ben je weer even verdrietig. Dat hoort zo.’

Mooier kan ik het zelf niet zeggen. Ik noem dat herrouwen: kinderen rouwen niet één keer en zijn dan klaar, maar beleven een verlies in iedere nieuwe levensfase opnieuw, met het bredere begrip dat daarbij hoort. De kleuter die zijn opa mist, rouwt op zijn twaalfde anders, en op zijn achttiende weer. Dat is geen teken dat het rouwen niet goed gaat; het hoort erbij.

Wat we onze kinderen meegeven is dus niet dat verdriet verdwijnt, maar dat het golft, dat je het kunt dragen, en dat je het (met de juiste mensen om je heen) samen draagt. Een kind dat dat op zijn zesde leert, starend in een leeg konijnenhok, draagt iets mee voor de rest van zijn leven.

Mariken Spuij is universitair docent aan de Universiteit Utrecht en een van de bekendste Nederlandse experts op het gebied van rouw bij kinderen en jongeren. Als onderzoeker en klinisch psycholoog doet zij al jarenlang onderzoek naar verlies, rouwverwerking en langdurige rouwstoornissen. Daarnaast werkt zij als NVO-Orthopedagoog Generalist en Klinisch Psycholoog bij TOPP-zorg te Driebergen en Zeist, een praktijk voor Generalistische Basis en Specialistische GGZ. Ze behandelt daar zowel kinderen, jongeren als volwassenen. In haar boek Rouw bij kinderen en jongeren van Mariken Spuij over het begeleiden van verliesverwerking lees je hoe je een rouwend kind kunt steunen.

Musthaves van deze zomer volgens de redactie:

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Redactie
Geschreven door Redactie

Ieder weekend het beste van J/M Ouders in je mailbox 👪

Start je weekend goed met onze mooiste verhalen.