Mijn zoon moest een wasknijper meenemen naar zijn viooloptreden; even later snapte ik waarom

Maarten Bogaers Vandaag

Pap, we moeten ook een wasknijper meenemen.” Mijn zoon laat me het mailtje zien van zijn viooldocent. Het is nog waar ook. Het staat direct na het kledingadvies (‘geen gympen!; ). Achter het woord ‘wasknijpers’ staat tussen haakjes: ‘voor de wind’. Dat klinkt vriendelijker dan ’tegen de wind’, maar daar komt het wel op neer: de bladmuziek moet op z’n plek blijven.

‘Wasknijpers’, mompel ik wat voor me uit. Volgens mij heb ik die al zeker een jaar niet meer gezien. Nu ben ik thuis ook niet degene van de was. Ze zullen wel ergens bij de wasmachine liggen of anders in de buurt van de wasmolen in de tuin. Maar nee hoor, nergens te bekennen.

“Je kunt ook bij een flatgebouw kijken, daar liggen er altijd wel wat op de grond” tip ik mijn zoon nog. Maar hij is alweer weg.

Om 13:00 uur is het optreden in een hofje. Er staan wat stoelen. We gaan vooraan zitten. Even later komen de musici op. Mijn zoon neemt in het midden plaats. Aan zijn lessenaar heeft hij zijn bladmuziek vastgezet met een grote gele plastic wasknijper. Ik heb geen idee waar hij dat ding vandaan heeft.

De wind krijgt halverwege het eerste stuk vrij spel. De A4’tjes waaien op ondanks de wasknijpers. De violisten proberen tevergeefs met hun strijkstok de bladmuziek op hun plek te houden. De knijper van mijn zoon houdt stand. Mijn zoon kijkt me aan van achter zijn lessenaar en kan een klein lachje niet onderdrukken. Vervolgens gaat hij weer op in zijn spel. Hij ziet er goed uit met zijn viool. Alleen het kledingadvies, dat heeft hij wel in de wind geslagen.

 

Reacties